In beeld: Duurzame houtskeletwoning met stolp van baksteen

Een stolp van gerecupereerde bakstenen herbergt een houtskeletwoning en beschermt de constructie tegen weer en wind. Een nieuw huis dat eruitziet alsof het tientallen jaren geleden gebouwd is. “Maar die ruige look was nooit het doel op zich”, zegt Bart Vanden Driessche van BLAF Architecten.

Op het eerste gezicht is er inderdaad geen moeite gedaan om een opvallend ontwerp uit de pen te toveren. Als passant zie je weliswaar dat de woning anders is. Maar schreeuwerig is hij in geen geval. “We noemen het een slimme ruïne. Je hebt een basis met dikke buitenmuren, die moeiteloos verschillende generaties overleeft. Daarbinnen is er een soort decor in houtskelet gebouwd dat zich vlot aanpast aan de noden van elk van die generaties.”

Bouwen tegen de helling

De opdrachtgevers kwamen bij BLAF architecten terecht door een eerdere realisatie in de buurt: een nul-energiewoning met een huid van textiel. Hun eigen project wordt uiteindelijk compleet anders. Niet alleen energiezuinig, maar duurzaam in de brede zin: door de centrale ligging op 200 m van het station en door de buitenschil, opgetrokken met ter plaatse gevonden recuperatiebaksteen.

Het perceel dat ze vonden, helde weliswaar licht af, en dat had een grote invloed op het ontwerp.

Bart en zijn collega’s houden van meet af aan rekening met die helling. In plaats van de grond op te hogen en loodrecht op de straat te bouwen, voeren ze de vloerplaat getrapt uit in drie niveaus. “Het volgen van de natuurlijke helling heeft twee voordelen: je hoeft niet nodeloos grond aan te vullen en op te metselen om toch maar een vlakke vloerplaat te krijgen. En alle ruimtes grenzen onmiddellijk aan het bestaande maaiveld.”

Kruisvorm

Opmerkelijk is dat de vloerplaat de vorm heeft van een kruis. “Dat komt onder andere omdat de woning is opgevat als een massieve stolp. Het gaat hier om een zelfdragende muur in baksteen. En zo’n muur is stabieler als je hoeken inbouwt.”

Om de muren goed samen te houden, zit aan de buitenkant een betonnen ringbalk van zowat 30 cm dik. Aan de dakrand zit eveneens een ringbalk – in dit geval één van 14 cm – in een bakstenen bekisting. Ook in de verticale ribben is beton gestort. “We hebben al die structurele maatregelen naar de buitenkant gebracht om een volledig vlakke binnenkant te krijgen. Die vlakke binnenkant was nodig om er isolatieplaten op te bevestigen.”

Warmte bufferen

Door de buitenmuur op te bouwen in recuperatiebaksteen heeft de gevel een verweerd uiterlijk gekregen en lijkt het alsof het huis er al jaren staat. “Die stenen, uit huizen uit de buurt, hebben we gevonden bij een lokale handelaar in antieke bouwmaterialen. We hebben ze laten testen. Door hun sterkte en lage porositeit waren ze nog altijd heel geschikt voor die massieve muur.”

Een andere kwaliteit van bakstenen is dat ze thermisch inert zijn. Dat betekent dat ze traag opwarmen en weer afkoelen. “Het toepassen van een thermisch inert gevelmateriaal is een manier om één van de nadelen op te vangen van houtskeletwoningen met een lichte gevelbekleding. In zulke woningen heb je meer last van warmtedoorslag: het is moeilijker om in de zomer een aangename temperatuur aan te houden. Een massieve bakstenen buitenmuur voorkomt oververhitting.”

Massiefbouw meets houtskelet

In die bakstenen stolp is een lichte constructie in hout gebouwd. “Op die manier combineren we de voordelen van twee bouwtechnieken. Enerzijds een massieve buitenconstructie die wind- en sneeuwlasten opvangt en waardoor je bovendien minder hout gebruikt. Anderzijds een houtskelet dat vlot aanpasbaar is, een goede luchtdichtheid garandeert en snel is op te warmen in de winter.”

Het houtskelet is rechtstreeks op de vloerplaat gevezen en volgt de contouren van de bakstenen muur. Alleen heeft het geen kruisvorm maar een compactere T-vorm. Eén vleugel is opengelaten en fungeert als patio. Hier kan later eventueel een uitbreiding in komen.

Tussen de massieve muur en het houtskelet zitten harde isolatieplaten: 6 cm PIR en 4 cm XPS. In de houten wanden van het houtskelet zelf zit nog eens 10 cm minerale wol.

“Het voordeel van harde platen is dat je met een beperkte dikte toch goed thermisch isoleert. Het nadeel is dat ze minder goed akoestisch isoleren. Maar dat is dan weer een punt waar zachtere materialen goed scoren. Ik noem het een kwestie van samen sterk.”

De patio als overgang

In de bakstenen muur zijn alleen openingen gemaakt. De ramen met zwarte pvc-kaders zitten vast in het houtskelet. Omdat de woning onder een hoek van 45° staat ten opzichte van de straat, geven de meeste ramen niet rechtstreeks uit op de naburige huizen. “We houden zo veel mogelijk rekening met de privacy en de zon. Alle belangrijke ruimtes hebben zuidelijk licht en er is geen inkijk van en naar de buren.”

Aan de noordelijke zijde zit een twee verdiepingen hoge patio, die werkt als overgangsruimte tussen binnen en buiten. Een opening in de bakstenen muur biedt een informele toegang tot de straat. En een verdieping hoger dringt veel licht door in de polyvalente ruimte tussen de slaapkamers.

Centrale leidingen

Het gelijkvloers is volledig opengewerkt. Toch geven de kruisvorm en de niveauverschillen in de vloer het gevoel van aparte ruimtes met de daarbij horende gezelligheid en intimiteit. Een ander voordeel is dat door het gebruik van hout en een zichtbare roostering in het plafond er geen problemen zijn met galm of andere storende geluiden. Niet evident in opengewerkte ruimtes.

De leefruimte beslaat één vleugel en het centrale deel van het kruis. In het midden staat een eettafel met daarrond vier houten kolommen. Elk van die kolommen dient als steun voor het houtskelet maar bevat tegelijk een technische schacht voor elektriciteit, water, verluchting en verwarming. Om de luchtdichtheid niet te hypothekeren, zitten er geen stopcontacten in de buitenmuren.

Eerst de hardware

Verwarmen doen de bewoners met een condenserende ketel op aardgas. Er liggen ook wachtleidingen om later over te schakelen op een warmtepomp of een andere techniek. Eventueel in combinatie met fotovoltaïsche zonnepanelen. “Ik noem al die technieken de ‘software’. Die is volop in beweging en is makkelijk aanpasbaar.”

“De hardware is wat voor lange tijd vastligt. Denk aan die bakstenen buitenmuur, aan isolatie of aan de luchtdichtheid van het houtskelet. Ook zulke zaken hebben uiteindelijk gevolgen voor het comfort en de verwarming. Als je prioriteiten moet stellen, investeer je dus best eerst in items die je achteraf moeilijk kan aanpassen. Meestal gaat dat om materialen en technieken waarvan je weet dat ze niet snel gaan veranderen.”

Ontwerp: BLAF Architecten

Fotografie: Luc Roymans

Het beste van Livios in je mailbox?

Schrijf je in op de Livios nieuwsbrief en ontvang twee keer per week het laatste (ver)bouwnieuws, nuttige tips en tonnen inspiratie.

Volg ons op social media