De warmtenetten komen eraan

Een ondergronds leidingennetwerk dat instaat voor de verwarming van hele steden. Klinkt als sciencefiction? Toch niet. Op vijf jaar tijd is het gebruik van deze warmtenetten in ons land sterk toegenomen. Tom Prinzie, specialist warmtenetten bij Van Marcke, ziet zes redenen waarom de technologie in 2015 helemaal doorbreekt.

Het principe van een warmtenet: verschillende gebouwen - tot wijken en zelfs hele steden - die hun warmte halen uit een ondergronds leidingennetwerk.

De 74 appartementen van residentie Zilverberg worden verwarmd met restenergie van een vuilverbrandingsinstallatie. Energie die anders verloren gaat.

Foto: Van Marcke  

Een etagestation. Dit toestel is de link tussen het gemeenschappelijke warmtenet en de individuele warmtevoorziening van een individueel gebouw.

Foto: Van Marcke  

De verkaveling Licht en Ruimte in Roeselare. Eén warmtebron voor 42 sociale appartementen en 49 woningen.

Foto: Van Marcke  

De aanleg van een warmtenet in München.

Foto: SWM  

Reden 1: uitwisselbare energiebron

In steden als Kopenhagen en Stockholm zijn bijna alle huizen, scholen, bedrijven en publieke zwembaden aangesloten op een gemeenschappelijke circulatieleiding. Een grote troef, is de uitwisselbaarheid van de energiebron.

Prinzie: "In die steden zijn ze intussen overgeschakeld op de meest duurzame bronnen. Zoals biomassa en restwarmte van fabrieken. Voor de bewoners brengt die overschakeling geen extra hinder met zich mee. Die hebben al dertig jaar niemand meer over de vloer gehad voor werken aan het warmtenet. Een individuele verwarmingsinstallatie daarentegen, moet je om de vijftien jaar vervangen. En dat komt dikwijls ongelegen."

Reden 2: spreiding van de capaciteit

Bij collectieve verwarming kan je de totale capaciteit spreiden over alle wooneenheden. Dat levert een enorme winst op. Prinzie: "In Residentie Zilverberg in Roeselaere, een blok van 74 appartementen, is men overgestapt op collectieve verwarming. Om elk appartement met een eigen stookketel van warm water te voorzien, was in totaal 2.000 kW nodig. Nu volstaat 460 kW. En zelfs dat is nog te veel."

"Universiteit Gent berekende dat een gemiddelde cv-ketel 70 % van de tijd buiten gebruik is. 28 % van de tijd gaat naar verwarming en slechts 2 tot 3 % naar de opwarming van sanitair water. Kortom: gedurende 98 % van de tijd heb je eigenlijk maar 4 kW nodig in plaats van 30 kW."

Reden 3: klassieke ketels onder druk

Vanaf september 2015 gaat de Europese Ecodesignrichtlijn van kracht. Alleen de efficiëntste condensatieketels zijn nog toegelaten. Verwarmingsinstallaties worden bijgevolg duurder en dat is een belangrijke stimulans voor goedkopere alternatieven … zoals collectieve verwarming.

Prinzie: "Vanaf 20 wooneenheden is collectief verwarmen al goedkoper dan individueel. Bouwpromotoren weten dat ook. Vanaf 2021 mogen we in Vlaanderen alleen nog bijna-energieneutraal bouwen, waardoor de complexiteit van de installaties blijft toenemen. En hoe complexer en duurder de technieken, hoe groter het voordeel van collectieve verwarming."

Reden 4: gunstiger E-peil

In Vlaanderen resulteert de keuze voor collectieve verwarming ook in een verlaging van het E-peil met vier à vijf punten. Tenminste als je gebruikmaakt van een etagestation van het Zweedse merk Alfa Laval. Dat bepaalde het Vlaams Energieagentschap zeer recent. Zo'n station takt de warmte van het collectieve netwerk af voor een individuele woning.

Prinzie: "Een belangrijke stimulans voor collectieve verwarming: voor hetzelfde geld halen bouwpromotoren een beter E-peil." Zo werd De wijk Licht en Ruimte in Roeselare aangesloten op de lokale afvalverbrandingsinstallatie. Zo zakte het E-peil van een groot aantal woningen beneden de 30 en profiteren ze van de korting van 100 % op de onroerende voorheffing voor BEN-woningen.

Reden 5: steun van de overheid

Aansluiten op een stadsverwarmingsnet is een van de manieren om tegemoet te komen aan de EPB-eis rond hernieuwbare energie. Maar op enkele uitzonderingen na zijn er in Vlaanderen geen grootschalige warmtenetten. Het Vlaams Parlement keurde eind 2013 een resolutie goed die de definitieve doorbraak moet betekenen. En Vlaamse energieminister Annemie Turtelboom (Open VLD) stelt voor acht miljoen euro aan subsidies ter beschikking.

Prinzie: "We werken nu met Warmtenetwerk Vlaanderen de praktische kant van de resolutie uit. Een heikel punt is nog de prijszetting. Want in principe word je aangesloten op een monopolie. Bovendien is er nood aan een goed overzicht van de verbruikers enerzijds en de mogelijke bronnen anderzijds. Daarvoor wordt de laatste hand gelegd aan een warmteatlas van Vlaanderen."

Reden 6: kleinschalige projecten

Misschien nog belangrijker zijn de vele kleinschalige projecten die bottom-up ontstaan bij lokale initiatiefnemers en bouwpromotoren. Kijk bijvoorbeeld naar de Brusselse UP-site (woontoren met centrale stookplaats voor 362 appartementen) en Park Colman in Sint-Niklaas (collectieve verwarming van 43 woningen).

Prinzie: "Als particulier kan je ook zelf een en ander in de hand werken. Als appartementeigenaar ijveren om te investeren in een centrale stookplaats, bijvoorbeeld. Zo maak je van de nood een deugd als de individuele ketels vervangen moeten worden."

Die overschakeling is technisch trouwens niet heel ingrijpend. "In plaats van de cv-ketel komt er een aftakstation. De gasleiding maakt plaats voor een aanvoer- en retourleiding van het verwarmingswater. Om de installatie op termijn verder te verduurzamen, kan achteraf altijd worden overgeschakeld op een warmtekrachtkoppeling of collectieve zonneboiler", besluit Prinzie.

Producten

Makkelijk overstappen naar aardgas

gas.be

Makkelijk overstappen naar aardgas

Welke tank moet ik kiezen voor mijn mazoutopslag?

Informazout vzw

Welke tank moet ik kiezen voor mijn mazoutopslag?

Propaan in je huis

Primagaz Belgium N.V.

Propaan in je huis

Aansluiten op het elektriciteits- en/of aardgasnet

Eandis

Aansluiten op het elektriciteits- en/of aardgasnet

Verhuizen? Energie is nodig!

VREG

Verhuizen? Energie is nodig!