Hoe maak je optimaal gebruik van de stroom die je zelf opwekt?

Nu de terugdraaiende teller verdwijnt, wordt het interessanter dan ooit om de stroom die je met je zonnepanelen opwekt, zo veel mogelijk op het moment zelf te verbruiken. Zo hoef je niet onnodig stroom van het net af  te nemen als de zon niet schijnt. Hoe je je eigenverbruik vergroot? We maken je wegwijs in dit artikel.

‘Eigenverbruik’ (of ‘zelfverbruik’) is de nieuwste modeterm op het vlak van elektriciteitsproductie. Dat heeft veel – of misschien wel alles – te maken met het wegvallen van de terugdraaiende teller in Vlaanderen en Brussel en de invoer van het nieuwe prosumententarief in Wallonië.

De tijd dat je je overtollige stroom het ene moment zonder meer op het net kon zetten en er het andere moment stroom van kon afnemen, is voorbij. Voortaan moeten alle huishoudens met een fotovoltaïsche installatie ofwel een bijdrage betalen voor het gebruik van het distributienet (het prosumententarief) ofwel de volle pot betalen voor de elektriciteit die ze van het net halen.

37 procent: kan beter

De meeste zonne-energie wek je op tussen 11 en 15 uur, met een piek rond 13 uur, net wanneer je het minste elektriciteit verbruikt. De instantproductie is in veel gevallen dus hoger dan wat je op dat moment nodig hebt, zeker in de zomer. Dat maakt dat een gezin momenteel gemiddeld slechts 37 procent van de opgewekte zonne-energie zelf verbruikt. De vraag is dus hoe je dat percentage kan verhogen en zo de impact van het verdwijnen van de terugdraaiende teller kan verkleinen. Een van de antwoorden is meer eigen energie verbruiken. Dat kan je doen als volgt:

1. Vermogen en oriëntatie

Voor de meeste fotovoltaïsche installaties was het doel in het verleden altijd om op jaarbasis zo veel mogelijk elektriciteit op te wekken, met panelen die pal naar het zuiden gericht waren. Als we vertrekken van een maximaal eigenverbruik liggen de kaarten anders en moet een fotovoltaïsche installatie zo goed mogelijk worden afgestemd op het verbruik van je gezin.

De zonnepanelen worden dan best gericht naar het oosten of het westen, zodat ze van ’s morgens tot ’s avonds stroom kunnen opwekken. Je vermijdt zo ook dat de productie onnodig piekt in het midden van de dag (wanneer je mogelijk niet thuis bent).

Een zuidgerichte oriëntatie blijft wel interessant wanneer je bijvoorbeeld veel van thuis uit werkt of van plan bent om te investeren in een thuisbatterij. De opbrengst van zuidgeoriënteerde panelen ligt op jaarbasis nog altijd zo’n 20% hoger.

2. Huishoudtoestellen

Van oudsher schakelen we onze grootste verbruikers in huis (vaatwasser, droogkast, wasmachine…) ’s avonds of in het weekend in om zo van het daltarief te kunnen genieten, althans als je over een dubbele meter (met dag- en nachttarief) beschikt. Van die gewoonte moeten eigenaars van zonnepanelen af. In de toekomst wordt het midden van de dag (tussen 11 en 15 uur) het moment om deze toestellen te laten draaien. Dat kan door ze vooraf te programmeren of met behulp van een timer op het stopcontact. Op die manier zou je zelfverbruik met ongeveer 10 procent kunnen toenemen, en dat zonder grote investeringen.

Meer complex is het gebruik van energiemanagementsoftware, waarmee de toestellen aanschakelen wanneer er genoeg elektriciteit wordt geproduceerd.

3. Boiler

De meeste elektrische boilers starten ’s nachts op om van het nachttarief te kunnen genieten. Je boiler programmeren met een eenvoudige timer is echter interessanter. Zo wordt de energie die je overdag met je zonnepanelen opwekt, effectief verbruikt.

Gebruik je een warmtepompboiler? Ook dan is het voordelig om die enkel overdag te laten werken, weliswaar over een langere periode. Het vermogen van deze kleine warmtepomp voor de productie van warm water is namelijk lager dan de elektrische weerstand van een klassieke boiler. Het zal dus langer duren tot je de gewenste temperatuur bereikt, zeker in de winter, wanneer de buitenlucht kouder is.

4. PV-vermogensregelaar

Dankzij een PV-vermogensregelaar gaat het overschot aan zonne-energie naar de productie van warm water in plaats van naar het net. In de praktijk meet een klein doosje continu of je meer fotovoltaïsche energie opwekt dan wat je op dat moment verbruikt. Als er een overschot is, wordt dit automatisch naar de elektrische weerstand van de boiler gestuurd.

Afhankelijk van het model en het vermogen kost een vermogensregelaar ongeveer 1.000 euro. Meer info vind je hier.

5. Thuisbatterij

Een thuisbatterij slaat de opgewekte elektriciteit die je overdag niet verbruikt op om die ’s nachts (wanneer de zonnepanelen niet werken) of overdag (wanneer de vraag groter is dan de productie) weer af te geven.

Daarvoor heb je een geschikte omvormer nodig. Die is als het ware het brein van je installatie en meet constant hoeveel elektriciteit je produceert en hoeveel stroom je nodig hebt. De fotovoltaïsche energie die je niet verbruikt, stuurt de omvormer rechtstreeks naar de batterij. Omgekeerd, wanneer de productie van je zonnepanelen stilvalt, zal je eerst de elektriciteit van je batterij verbruiken voor je stroom afneemt van het net. Aangezien deze functie niet bij alle omvormers is voorzien, zal je die van jou misschien moeten vervangen.

Vergeet niet dat een thuisbatterij enkel de stroom opslaat die je in één dag hebt opgewekt. Je kan ze dus niet gebruiken om in de zomer energie op te slaan die je in de winter wil verbruiken.

6. Elektrische auto

Wie een elektrische wagen heeft, zou thuis een laadpaal kunnen laten installeren om meer van de opgewekte elektriciteit zelf te verbruiken. Het opladen moet dan wel overdag kunnen gebeuren, wanneer de panelen stroom produceren. Voor wie niet thuiswerkt, is dit uiteraard een probleem. Tenzij je bijkomend investeert in een thuisbatterij die de opgeslagen elektriciteit bij je thuiskomst doorgeeft aan de batterij van je wagen.

Opgelet, gemiddeld verbruikt een elektrische wagen zo’n 2.000 à 3.000 kilowattuur per jaar. Dat komt al aardig in de buurt van het huishoudelijke stroomverbruik van een gemiddeld gezin. Je PV-installatie zal dus niet alles kunnen dekken, tenzij je ze met de helft uitbreidt. Maar dat betekent ook extra kosten. Weet wel dat als je stroom zal moeten aankopen aan ongeveer 0,35 euro per kilowattuur, dat sowieso goedkoper uitkomt dan diesel of benzine waarvoor je zo’n 1,2 euro per liter betaalt.

Elektriciteit versus gas en stookolie

Opgelet: de zoektocht naar een hoger eigenverbruik betekent niet dat je je gas- of stookolieverbruik terug moet gaan dringen door meer elektriciteit te verbruiken. Als je sanitair warm water aanmaakt met een gas- of stookolieketel, zal de installatie van een elektrische boiler om je eigenverbruik te verhogen nooit interessant zijn (tenzij je overproductie echt zeer hoog is).

Als je fotovoltaïsche installatie je jaarlijkse verbruik dekt, is je productie in evenwicht met je verbruik. Voeg je daar een verbruik van 2.000 kilowattuur aan toe, bijvoorbeeld voor de aanmaak van sanitair warm water, dan zal je je eigenverbruik weliswaar verhogen, maar zal je tegelijk 2.000 kilowattuur aan vol tarief moeten aankopen. En één kilowattuur elektriciteit is nog steeds duurder dan één kilowattuur gas of stookolie.

Met dank aan Gilles Boufflette, Product Manager Smart Metering Solutions bij Lampiris.

Het beste van Livios in je mailbox?

Schrijf je in op de Livios nieuwsbrief en ontvang twee keer per week het laatste (ver)bouwnieuws, nuttige tips en tonnen inspiratie.

Volg ons op social media