livios logo

Het ventilatiealfabet: A, B, C en D

De richting van luchtcirculatie is altijd dezelfde: toevoer langs de droge ruimtes en dan vervolgens via doorvoeropeningen, in de vorm van binnenmuurroosters of kieren onder de deuren, naar de natte ruimtes. Daar wordt de lucht afgevoerd. Naargelang die toevoer en afvoer natuurlijk of mechanisch gebeurt, onderscheiden we vier verschillende systemen om gecontroleerd te ventileren: A, B, C en D.

Systeem A: natuurlijke toe- en afvoer

Bij systeem A gebeurt de luchtcirculatie op natuurlijke wijze aan de hand van klimatologische drukverschillen. De lucht komt de woning binnen via regelbare toevoeropeningen (RTO’s) in ramen, muren of dak.

Deze RTO’s zijn regelbaar in die zin dat je ze wat meer kan openen of sluiten. Zo vermijd je dat je ventilatie in overdrive gaat op winderige dagen. Bepaalde RTO’s zijn zelfregelend: ze bepalen zelf hoeveel lucht ze binnen laten. 

In de natte ruimtes verdwijnt de vervuilde lucht via regelbare afvoeropeningen (RAO) in een verticaal kanaal dat boven het dak uitmondt.

ventilatie systeem A


  

Ventilatie systeem C


  

Ventilatie systeem D


  

Systeem B: mechanische toevoer, natuurlijke afvoer

De afvoer gebeurt op dezelfde manier als bij het voorgaande systeem, maar de toevoer vindt ‘mechanisch’ plaats met behulp van ventilatoren. Dit systeem wordt amper toegepast in woningen.

Systeem C: natuurlijke toevoer, mechanische afvoer

De toevoer vindt net zoals bij systeem A plaats met RTO’s. De afvoer gebeurt echter mechanisch via afvoeropeningen (AO) met extractieventielen in de natte ruimtes. Zo’n ventiel bestaat uit een filter die de lucht zuivert en een geluidsdemper die het lawaai van de installatie tot een minimum beperkt.

Binnen de systemen C is er ook een categorie vraaggestuurde ventilatie. Bij die systemen gebeurt de afvoer op een gecontroleerde manier en enkel als het nodig is. Via ingebouwde sensoren (vocht, temperatuur, beweging en CO²) wordt het extractiedebiet aangepast aan de werkelijke woonsituatie. Zo is het elektriciteitsverbruik en het verlies van warmte minimaal. En spaar je dus ook geld uit op je energiefactuur.

Systeem D: mechanische toe- en afvoer

Bij systeem D gebeurt alles mechanisch: zowel de toevoer van verse lucht als de afvoer van vervuilde lucht. Dat betekent dat er ook een dubbel kanalennet nodig is: één voor de toevoer met toevoeropeningen (TO) in de droge ruimtes en één voor de afvoer in de natte ruimtes met AO’s.

Het grote voordeel is dat het systeem volledig regelbaar is: je kan een goed evenwicht bereiken tussen aan- en toevoer. Daarom wordt het systeem D ook wel ‘balansventilatie’ genoemd.

Meestal zit er ook een warmteterugwin-unit in (wtw): die warmt de koude lucht die binnenkomt op met de warmte van de afgevoerde lucht. Je kan balansventilatie ook vraaggestuurd maken met sensoren die CO2 en/of vocht meten. Zo ventileer je niet meer dan nodig en zuiniger.

Warmte recupereren

Zowel bij een systeem C als D kan je warmte terugwinnen en gebruiken. Bij een systeem C kan je de warmte uit de afvoerlucht gebruiken voor het opwarmen van je sanitair warm water en/of ruimteverwarming. Dat doe je met een warmtepompboiler of lucht-waterwarmtepomp.

Om warmte te recupereren bij een systeem D kan je een warmtewisselaar gebruiken. Die zal de warmte uit de afvoerlucht overdragen aan de toevoerlucht om die in de koude wintermaanden voor te verwarmen.  Wat dan in de zomer? Door een bypass word je warmtewisselaar uitgeschakeld. Anders wordt het te warm in huis. 

Welk systeem kiezen? We zetten de voor- en nadelen voor jou op een rij.

-------------------

Meer over:
Help ook andere bouwers en verbouwers op weg en deel dit artikel:

In samenwerking met

Bekijk alle partners

Deze website is beveiligd door reCAPTCHA en het Google privacybeleid en gebruiksvoorwaarden zijn van toepassing.

track

http://www.livios.be/nl/bouwinformatie/technieken/ventilatie/het-ventilatiealfabet-a-b-c-en-d/