livios logo

Hoe verwarmen we morgen? Een stand van zaken

De uitstoot van broeikasgassen moet verplicht naar beneden. De Europese Unie wil klimaatneutraal zijn tegen 2050 en bij nieuwbouw moet een minimumaandeel energie uit hernieuwbare bronnen worden gehaald. Fossiele brandstoffen staan dus onder druk. Maar is de tijd rijp om volledig over te stappen op hernieuwbare energie?

Klimaatneutraal tegen 2050

Om de klimaatuitdagingen het hoofd te bieden, heeft de Europese Commissie drie doelstellingen bepaald, met als deadline 2030. Concreet moet de uitstoot van broeikasgassen met minstens 40% omlaag (ten opzichte van 1990), moet minstens 32% van het energieverbruik uit hernieuwbare energie komen en moet de energie-efficiëntie van gebouwen met minstens 32,5% worden verbeterd. Deze drie doelstellingen zijn een eerste stap in de Europese ambitie om tegen 2050 volledig klimaatneutraal te zijn.

SOD sleutel-op-de-deur nieuwbouw huis woning

Sinds 1 januari 2021 moet elk nieuw gebouw in Vlaanderen BEN (bijna-energieneutraal) zijn.

Foto Marchetta
  

houtskeletbouw houtskelet nieuwbouw huis woning houtskeletwoning

Dat betekent dat nieuwe gebouwen bijna geen energie mogen verbruiken en dat de energie die wel wordt verbruikt ter plaatse of in de buurt moet worden opgewekt uit hernieuwbare energiebronnen.

Foto Arkana
  

Steeds strengere normen

Sinds 1 januari 2021 moet elk nieuw gebouw in Vlaanderen BEN (bijna-energieneutraal) zijn, zoals bepaald door de Europese NZEB-norm (nearly zero energy building). In Wallonië vertaalt zich dat naar Q-ZEN (quasi zéro énergie), terwijl in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest “bijna passief” al in 2015 de standaard werd. Dat betekent dat nieuwe gebouwen bijna geen energie mogen verbruiken en dat de energie die wel wordt verbruikt ter plaatse of in de buurt moet worden opgewekt uit hernieuwbare energiebronnen.

Om tegen 2050 CO2-neutraal te worden, is meer nodig. Daarom overweegt Europa om over te stappen van NZEB naar ZEB (energieneutrale gebouwen). Gebouwen zullen dan evenveel energie moeten produceren als ze verbruiken. Volgens tal van studies zullen we de CO2-uitstoot van onze gebouwen enkel tot nul kunnen herleiden als we (zo goed als) volledig afzien van het gebruik van fossiele brandstoffen. Dat scenario wil de gas- en stookoliesector zelfs niet in overweging nemen. Het is volgens hen dan ook “wishful thinking”.

Gas en stookolie zijn nog niet uitgezongen

“Zomaar alle fossiele brandstoffen bannen, is te kort door de bocht. Je moet alle pro’s en contra’s tegen elkaar afwegen en een onderscheid maken tussen nieuwe en bestaande gebouwen”, zegt Willem Voets, algemeen directeur van Informazout. “Bij nieuwbouw en zware renovaties zorgt het veel betere isolatieniveau voor een lagere warmtevraag. Die kan je effectief invullen met andere oplossingen dan fossiele energiebronnen. Voor bestaande gebouwen liggen de kaarten helemaal anders. Een lagere warmtevraag is hier veel complexer en ook duurder. Stookolieketels hebben hier nog altijd een bestaansreden, zeker in Wallonië, waar de aansluiting op het gasnet verre van optimaal is.”

Dezelfde redenering kan je maken voor de aardgassector. In ons land verwarmt meer dan de helft van de gezinnen op aardgas. Het is dan ook de belangrijkste energiebron voor verwarming. Condensatieketels zijn daarbij de norm geworden: ongeveer 90% van alle gasketels die in België worden verkocht, zijn van dit type. “Elk jaar worden in ons land 200.000 gascondensatieketels verkocht. En dat cijfer blijft al een aantal jaar constant”, verduidelijkt Didier Hendrickx, Public Affairs Manager van gas.be.

stookolie stookolie ketel De Dietrich NEOVO

"Stookolieketels hebben nog altijd een bestaansreden, zeker in Wallonië, waar de aansluiting op het gasnet verre van optimaal is", zegt Willem Voets van Informazout.

Foto De Dietrich
  

verwarming gasketel condensatieketel gascondensatieketel installateur controle cv-ketel

In ons land verwarmt meer dan de helft van de gezinnen op aardgas.

Foto Remeha
  

CO2-neutrale oplossingen nodig

De gas- en stookoliesector beseffen dat ze onder druk staan en dat ze met volledig CO2-neutrale oplossingen moeten komen. Daar zetten beide sectoren momenteel dan ook zeer sterk op in. Denk bijvoorbeeld aan biomethaan of HVO-diesel (Hydrotreated Vegetable Oil). De eerste oplossingen zijn er al, maar het zal nog een paar jaar, of misschien zelfs decennia, duren voor ze de norm kunnen worden.

Los van de vraag of fossiele energiebronnen al dan niet een toekomst hebben, moet elke lidstaat van Europa in zijn energiemix een bepaald percentage hernieuwbare energie voorzien. De ambitie op dit vlak is een aandeel van 40 tot 62% tegen 2050. Dat is vandaag nog verre toekomstmuziek. Voor 2020 lag de doelstelling op 13%, maar volgens federaal minister van Energie Tinne Van der Straeten haalde ons land slechts 11,68%.

Biomassa in polepositie

Voor de verwarming van onze woningen is hout in België met voorsprong de belangrijkste hernieuwbare energiebron. Eén Belg op de tien verwarmt (deels) met hout, en elk jaar wint deze brandstof terrein op gas en stookolie. Houtgestookte verwarmingsketels en vooral pelletketels moeten qua rendement niet onderdoen voor klassieke cv-ketels en vormen dus een volwaardig en voordelig alternatief.

Op basis van een gemiddeld verbruik van 2.500 liter stookolie per jaar, levert de keuze voor hout een jaarlijkse besparing op van bijna 600 euro. Het maakt de investering interessant, zeker als je weet dat een houtgestookte cv-ketel niet veel meer kost dan een goede stookolieketel (gemiddeld 6.000 euro, installatie en boiler inbegrepen). Bij pelletketels ligt het rendement nog hoger (tussen 90 en 97%), maar die zijn wel duurder (10.000 à 12.000 euro). “Een pelletketel moet je dus als een langetermijninvestering zien”, zegt Pierre-Louis Bombeck, verantwoordelijk voor biomassa bij ValBiom. “Bovendien is de prijs van pellets (duurder dan houtblokken, maar goedkoper dan fossiele brandstoffen) zeer stabiel en minder onderhevig aan geopolitieke ontwikkelingen.”

Pelletketel Viessmann

Pelletketels moeten qua rendement niet onderdoen voor klassieke cv-ketels en vormen dus een volwaardig en voordelig alternatief.

Foto Viessmann Belgium bvba
  

warmtepomp wasplaats ME_Binnenunit Ecodan lucht water WP_1

Warmtepompen komen beter tot hun recht bij nieuwbouw dan bij renovatie.

Foto Mitsubishi Electric Europe
  

Wordt de warmtepomp een succesverhaal?

Volgens ATTB (Associatie voor de Thermische Technieken in België) nam de verkoop in 2019 met 20% toe en werden voor het eerst meer dan 78.000 warmtepompen en warmtepompboilers verkocht. Toch blijft de groei onder de verwachtingen van de sector en ontwikkelt deze markt zich trager dan in het buitenland. Nochtans bestaan er geen twijfels meer over de efficiëntie van dit systeem. “Als we de meer dan twee miljoen oude cv-ketels tegen 2030 allemaal zouden vervangen door warmtepompen, zouden we de CO2-uitstoot zodanig kunnen verlagen dat we de Europese eisen zonder moeite zouden halen”, legt Émile Vandenbosch, secretaris van ATTB, uit. “Er zouden daarvoor wel 200.000 warmtepompen per jaar geplaatst moeten worden.”

De af te leggen weg is dus nog lang. Daar komt nog bij dat warmtepompen beter tot hun recht komen bij nieuwbouw dan bij renovatie. Bovendien is het maar de vraag of er wel genoeg elektriciteit zal zijn voor al die warmtepompen. Zeker als de kerncentrales (zoals voorzien) in 2025 zouden sluiten en het aantal elektrische wagens op onze wegen spectaculair zou toenemen. Een warmtepomp kunnen we in dat opzicht maar beter combineren met zonnepanelen.

Zonnige toekomst voor fotovoltaïsche energie

Alle fotovoltaïsche installaties in ons land hebben samen een vermogen van 4.826 MWp. Dat komt overeen met een oppervlakte van 35 km² panelen (7,5 m2/kWp) en een vermogen van bijna vijf kernreactoren. De voorbije jaren is deze technologie alleen maar goedkoper geworden, waardoor de installatie van zonnepanelen voor heel wat gezinnen een haalbare en perfect rendabele investering is geworden. Met een initiële investering van 5.000 à 6.000 euro en een besparing van zo’n 900 euro per jaar op de elektriciteitsfactuur heb je je investering gemiddeld na zeven jaar al terugverdiend. De gemiddelde besparing en terugverdientijd is verschillend van gewest tot gewest.

België heeft de lat voor 2030 op een totaal geïnstalleerd vermogen van 11 GWp gelegd. Daarvoor moet er tien jaar lang 600 MWp per jaar bijkomen. “In het verleden hebben de verschillende regeringen het potentieel van fotovoltaïsche technologie systematisch onderschat. Zo werd het eerste doel voor 2020 al gehaald in 2011. Een echt ambitieus beleid mag dus veel hoger mikken”, luidt het bij APERe (Waalse federatie voor de promotie van hernieuwbare energie).

zonnepanelen huis woning

De voorbije jaren is deze technologie alleen maar goedkoper geworden, waardoor de installatie van zonnepanelen voor heel wat gezinnen een haalbare en perfect rendabele investering is geworden.

Foto Fluvius
  

Waterstofketel Hydra waterstof

Een aantal fabrikanten van verwarmingssystemen hebben al cv-ketels op waterstof voor residentieel gebruik ontwikkeld.

Foto Remeha
  

Waterstof, de energiebron van morgen?

De ontwikkeling van waterstof zit in België nog in de fase van testen, prototypes en goede bedoelingen, maar de vooruitzichten voor deze energiebron zien er wel goed uit en er zou wel eens snel schot in de zaak kunnen komen. In oktober 2019 hebben Colruyt en Fluxys aangekondigd dat ze een waterstoffabriek met een capaciteit van 25 MW willen bouwen in de haven van Zeebrugge. En in januari 2020 hebben de haven van Oostende, DEME Concessions en PMV beloofd om tegen 2025 een fabriek operationeel te hebben in het havengebied van Oostende voor de productie van groene waterstof.

Een aantal fabrikanten van verwarmingssystemen zijn al op de kar gesprongen. Zo hebben Viessmann en Remeha al cv-ketels op waterstof voor residentieel gebruik ontwikkeld. Het grote voordeel van deze oplossing is dat het toestel zowel warmte als elektriciteit produceert en dat het enige bijproduct van de verbranding waterdamp is. Bij de juiste verbranding komt dus geen CO2 of stikstofoxide (NOx) vrij. Voor de werking van het toestel is weliswaar een aardgasaansluiting nodig.

Waterstof kan dus een antwoord zijn op de klimaatneutrale doelstelling van Europa, maar volledig overstappen op waterstof voor verwarming is nog niet voor morgen. Daarvoor moet eerst het probleem van de opslag en het transport worden opgelost. Anderzijds zijn de bestaande verwarmingstoestellen niet aangepast aan waterstof. Een groot deel van alle bestaande installaties zou dus eerst vervangen moeten worden.

Besluit

We zien hernieuwbare energiebronnen steeds vaker bij nieuwbouw, maar als we naar het totale energieverbruik van ons land kijken, blijkt dat slechts een druppel op een hete plaat. Om ons vastgoedbestand echt “CO2-arm” te maken, kunnen we beter naar de bestaande gebouwen kijken. Die worden vandaag aan een tempo van slechts 1% per jaar gerenoveerd, terwijl zij net de grootste energievreters zijn. Het lijkt er sterk op dat fossiele energiebronnen ook de komende jaren een belangrijke rol zullen blijven spelen, tenzij er een ambitieus investeringsplan komt dat volop inzet op hernieuwbare energie. De kans dat zo’n plan er snel komt, lijkt echter weinig waarschijnlijk gezien de impact van de coronacrisis op de begroting.

Bron: Ik ga Bouwen

In samenwerking met

Bekijk alle partners

Deze website is beveiligd door reCAPTCHA en het Google privacybeleid en gebruiksvoorwaarden zijn van toepassing.

track

http://www.livios.be/nl/bouwinformatie/technieken/verwarming-en-koeling/verwarmingstechnieken/63896/hoe-verwarmen-we-morgen-een-stand-van-zaken/