livios logo

Hoe vraag ik een wijziging van een verkavelingsvergunning aan?

Foto Ytong

De voorschriften van nieuwe verkavelingen duwen de eigenaars van een perceel in zulke verkavelingen hoe langer hoe meer in een strak keurslijf. De ideale woning van sommige van deze eigenaars strookt echter niet met die voorschriften. De eigenaars proberen dit ideale beeld dan te benaderen door een afwijking of een wijziging van de voorschriften aan te vragen. Zo’n aanvraag is echter onbekend terrein, en dikwijls weet men niet hoe de aanvraag correct aangepakt dient te worden. Om wat beter gewapend ten strijde te trekken, zet onze jurist de hele procedure even op een rijtje. Zo weet je waar je aan toe bent.

De eigenaar van een in een niet-vervallen verkaveling gelegen kavel kan, voor het deel dat hij in eigendom heeft, een wijziging van de verkavelingsvergunning aanvragen. Dit wordt bepaald in artikel 132, §1 van het stedenbouwdecreet van 18 mei 1999. Als je dus eigenaar bent van een perceel (= kavel) gelegen binnen de grenzen van een verkaveling die niet vervallen is, dan kan een wijziging van de verkavelingsvoorschriften worden toegestaan.

Foto Provinciale Hogeschool Limburg

Deze wijziging mag echter geen afbreuk doen aan de rechten die voortvloeien uit overeenkomsten die partijen eerder zouden hebben afgesloten. Een voorbeeld van zulke rechten zijn deze die gebaseerd op de oorspronkelijke verkavelingsvergunning waren bedongen in een verkoopakte van gronden. Hierdoor werd aan deze percelen een bepaalde bestemming gegeven. Een wijziging van deze rechten kan enkel bij eenparigheid worden tot stand gebracht.

Welke procedures dien je te volgen?

In principe is de procedure voor de indiening en de behandeling van een aanvraag tot wijziging van de verkavelingsvergunning dezelfde als de procedure voor het aanvragen van een verkavelingsvergunning.

Kort samengevat komt het hierop neer:

  • de aanvraag tot wijziging van de verkavelingsvergunning moet ingediend worden op het gemeente- of stadhuis van de gemeente of stad waar de percelen die deel uitmaken van deze verkaveling gelegen zijn. Om volledig te zijn moet de aanvraag o.a.bevatten:
    • een vergunningsaanvraag in drievoud die eventueel meeondertekend is door de eigenaars van (een) kavel(s) in de vergunde verkaveling - voor deze aanvraag kan men gebruik maken van een modelformulier dat men op de gemeente kan bekomen
    • een document waaruit blijkt dat de aanvrager eigenaar van de grond(en) is
    • een situatieplan op schaal 1/10.000ste of 1/5.000ste
    • een kaart op schaal met voorstelling van de bestaande toestand
    • de postbewijzen van afgifte van de aangetekende zendingen, gericht aan alle eigenaars van een kavel die de aanvraag niet meeondertekend hebben (het ministerieel besluit van 6 februari 1971 stelt de voorwaarden vast waaraan een dossier betreffende een verkavelingsaanvraag moet voldoen om als volledig te worden beschouwd)
  • Wanneer de dienst ruimtelijke ordening oordeelt dat de aanvraag volledig is, zal ze een ontvangstbewijs hiervoor afleveren;
  • in een aantal gevallen zal deze aanvraag tot wijziging van de verkavelingsvergunning ook nog openbaar moeten worden gemaakt. Artikel 3 §4 van het Besluit van de Vlaamse regering van 5 mei 2000 betreffende de openbare onderzoeken over aanvragen tot stedenbouwkundige vergunning en verkavelingsaanvragen, gewijzigd bij besluit van de Vlaamse regering van 30 maart 2001 en 08 maart 2002 bepaalt immers dat bij gebrek aan een gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan of een bijzonder plan van aanleg de verkavelingsaanvragen en de aanvragen tot wijziging van een verkaveling dienen onderworpen te worden aan een openbaar onderzoek. Zo'n openbaar onderzoek duurt dertig dagen. Een bericht van dit openbaar onderzoek wordt uitgehangen aan het gemeentehuis en op de plaats waar de verkaveling gelegen is.
  • Opgelet: een aanvraag tot wijziging van een verkavelingsvergunning is echter nog aan een bijkomende openbaarmaking onderworpen. Vooraleer je de aanvraag kan indienen, dien je als aanvrager een eensluidend afschrift van jouw aanvraag per aangetekende brief te verzenden naar alle eigenaars van een kavel die deze aanvraag niet mee ondertekend hebben. Dit dient te gebeuren vooraleer de aanvraag wordt ingediend. De postbewijzen van de afgifte van deze aangetekende zendingen worden bij het aanvraagdossier gevoegd. Die eigenaars hebben dan de mogelijkheid om binnen de dertig dagen, te rekenen vanaf de datum van de afgifte van deze aangetekende zendingen op het postkantoor, hun bezwaren en opmerkingen schriftelijk te laten weten aan het college van burgemeester en schepenen van de gemeente of stad waar de verkaveling gelegen is.

Wat als één of meerdere eigenaars weigert te tekenen?

Foto Livios

Dit kan grote gevolgen hebben! Het schepencollege moet de aanvraag immers weigeren wanneer meer dan één vierde van de eigenaars van de in de oorspronkelijke vergunning toegestane kavels hun bezwaren tijdig hebben ingediend (dit is binnen de 30 dagen vanaf de datum van afgifte van de aangetekende brieven op het postkantoor) bij ditzelfde schepencollege. Deze bezwaren moeten daarenboven wel nog gegrond worden bevonden om in aanmerking te worden genomen. In een dergelijk geval beschikt de overheid die de vergunning kan verlenen dus niet over beoordelingsvrijheid en is ze verplicht de aanvraag tot wijziging van de verkavelingsvergunning te weigeren.

Wanneer minder dan één vierde van de eigenaars bezwaren indiende, dan behoudt de vergunningverlenende overheid wel haar volle beoordelingsbevoegdheid om over de toelaatbaarheid van de gevraagde wijziging te oordelen. Het schepencollege kan dus zelf beslissen of ze de gevraagde wijziging al dan niet toestaat. Het college dient daarbij wel aan te geven op welke met de ruimtelijke ordening en de stedenbouw verband houdende redenen het zich steunt om met de ingediende bezwaren al dan niet rekening te houden.

Wie beslist over de wijziging?

Dezelfde overheidsinstantie als deze die bevoegd was om in eerste instantie over de aanvraag tot het bekomen van een verkavelingsvergunning een uitspraak te doen. In de meerderheid van de gevallen zal dit het college van burgemeester en schepenen zijn. Als de aanvraag uitgaat van een publiekrechtelijke persoon dan moet de aanvraag ingediend worden bij de gewestelijke stedenbouwkundige ambtenaar.

Wat als mijn aanvraag wordt geweigerd?

Je kan tegen deze weigeringsbeslissing beroep instellen via een aangetekende brief naar de bestendige deputatie van de provincie en dit binnen de twintig dagen na verzending van de weigeringsbeslissing van het college van burgemeester en schepenen van de betrokken gemeente of stad. In deze brief vermeld je de redenen (argumenten) waarom je in beroep wenst te gaan tegen deze weigeringsbeslissing en de vraag om gehoord te worden door de bestendige deputatie. De bestendige deputatie beslist binnen een termijn van zestig dagen na de datum van afgifte ter post van het aangetekende beroep van de aanvrager; wanneer men heeft verzocht om gehoord te worden door de bestendige deputatie, dan wordt deze termijn nog eens met vijftien dagen verlengd.


https://www.livios.be/nl/bouwinformatie/woonwijzer/bouwen/bouwgrond/hoe-vraag-ik-een-wijziging-van-een-verkavelingsvergunning-aan/