Verplicht renoveren naar label D vanaf 2023. Hoe doe je dat?

Wie vanaf 2023 een bestaande woning koopt, erft of geschonken krijgt, zal ervoor moeten zorgen dat het pand binnen de vijf jaar een energielabel D haalt. Dat besliste de Vlaamse regering eind vorig jaar in het kader van het klimaatakkoord. Zo wil ze de uitstoot in Vlaanderen fors verlagen. Het is ook een tussenstap om tegen 2050 alle woningen op een energielabel A te krijgen.

Elk jaar veranderen er in Vlaanderen gemiddeld 82.000 woningen (59.000 huizen en 23.000 appartementen) van eigenaar, grotendeels door verkoop, maar ook via een erfenis of schenking. Slechts 32% van die woningen en 73% van de verkochte appartementen kunnen al uitpakken met een energielabel D (op basis van alle certificaten opgenomen in de EPC-databank t.e.m. 2018). Dit betekent dat er vanaf 2023 jaarlijks zo’n 46.000 woningen en appartementen zullen moeten worden gerenoveerd binnen de vijf jaar. Allemaal goed en wel. Maar hoe begin je daaraan, en wat gaat je dat kosten?

Indicatie van de kostprijs

Wanneer een woning wordt verkocht, moet de verkoper een energieprestatiecertificaat (EPC) laten opstellen. Naast de energiezuinigheid van een woning, geeft het EPC ook een overzicht van de ingrepen – en hun volgorde – die nodig zijn om de woning energiezuiniger te maken. In Vlaanderen vind je daarnaast ook een indicatie van de kostprijs van die ingrepen. Deze prijzen zijn gemiddelden, die op geautomatiseerde wijze zijn berekend. De energiedeskundige die het EPC opmaakt, controleert de opgegeven prijzen en de technische uitvoerbaarheid van de aanbevolen werken niet.

Uitgerekend

De Vlaamse Confederatie Bouw deed de test en maakte een gedetailleerde berekening voor een voorbeeldwoning: eentje met een bruto woonoppervlakte van 113 vierkante meter, drie woonlagen zonder inpandige garage, niet-geïsoleerd, met oude dubbele beglazing U 2,8 en een oude gasketel.

De aanbevelingen op het EPC zijn de volgende:

Volgens de berekening van het VCB zou het je dus 23.500 euro kosten om een gelijkaardige rijwoning (tweegevel) op te krikken tot een energielabel D. Die kost omhelst de plaatsing van 22 cm minerale wol in het dak én nieuwe ramen. Vervang je de oude gasketel door een nieuw condenserend exemplaar, klim je naar een label C, voor een kostprijs van 31.000 euro. Kijk je verder, met het oog op de verplichting van 2050, dan zou je met een investering van 70.000 euro een energielabel A kunnen halen. Gaat het om een drie- of viergevelwoning, liggen de kosten logischerwijs hoger (meer geveloppervlak, meer raampartijen…).

EPC als leidraad

De prijzen die worden meegedeeld op het EPC mogen dan indicatief zijn, uit het voorbeeld blijkt dat ze je min of meer een goed idee geven van de nodige investering. Marc Dillen, directeur-generaal van de Vlaamse Confederatie Bouw, raadt kandidaat-kopers dan ook aan om “goed te kijken naar het EPC van een woning, zo hou je budget over om je woning energiezuiniger te maken”.

Werken spreiden

Je bent weliswaar niet verplicht om alle ingrepen in één keer uit te voeren. De termijn van vijf jaar laat je toe de werken te spreiden, al is het wel aangeraden om al een pad uit te stippelen, zodat je weet wat je te wachten staat en waar je al rekening mee moet houden. Marc Dillen onderstreept hierbij de rol van een deskundige. Dat kan een energiedeskundige zijn, die specifiek voor jouw woning bekijkt welke stappen nodig zijn. Al kijk je volgens Marc Dillen best ook naar experts die energetische en niet-energetische ingrepen kunnen combineren. Een renovatietraject draait veelal niet alleen rond het verbeteren van de energie-efficiëntie.

Tip: Weet dat je voor bijna alle bovenstaande ingrepen, aanspraak kan maken op premies. Informeer je dus goed!

Het beste van Livios in je mailbox?

Schrijf je in op de Livios nieuwsbrief en ontvang twee keer per week het laatste (ver)bouwnieuws, nuttige tips en tonnen inspiratie.

Volg ons op social media