Onroerende voorheffing (Beantwoord op 19-05-2005)
Antwoord
We gingen ons licht eens opsteken bij Herman Daem van het ministerie van Financiën.
“De verrekening van de O.V. gebeurt overeenkomstig artikel 277 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen.”
Art. 277:
"Als onroerende voorheffing wordt enkel verrekend het bedrag van de onroerende voorheffing, zoals bepaald in artikel 255 en verhoogd met de opcentiemen, met betrekking tot het kadastraal inkomen van de in artikel 16 vermelde woning en in zover dat kadastraal inkomen in het belastbare inkomen is begrepen en vastgesteld overeenkomstig de artikelen 7 tot 13, 15 en 16.
Het te verrekenen bedrag mag niet hoger zijn dan 12,5 pct. van het in het eerste lid vermelde kadastraal inkomen dat aan de onroerende voorheffing is onderworpen."
“In grote lijnen komt het erop neer dat de verrekening gebeurt voor de woning vermeld in artikel 16 (waarvan de belastingplichtige eigenaar, bezitter, erfpachter, opstalhouder of vruchtgebruiker is) en in zover het kadastraal inkomen begrepen is in het belastbare inkomen. M.a.w. in zover het kadastraal inkomen niet wordt geneutraliseerd door de woningaftrek voorzien in datzelfde artikel 16. Deze woningaftrek bedraagt 4.081 EUR (basisbedrag 3.000 EUR), verhoogd met 340 EUR (basisbedrag 250 EUR) voor iedere persoon die, overeenkomstig artikel 136 , op 1 januari van het jaar waarnaar het aanslagjaar wordt genoemd, ten laste is van de belastingplichtige. De voormelde bedragen gelden voor het aanslagjaar 2005 (inkomsten 2004).”
“Alleen op basis van de elementen van het individuele belastingdossier kan worden uitgemaakt of er aanleiding bestaat voor kwestieuze verrekening.Voormeld vraagstuk behoort tot de bevoegdheid van de Belastingen die trouwens rekening houden met bedoelde voorschriften bij de taxatie. Voor een concreet dossier is het aangewezen contact op te nemen met de bevoegde controle der Belastingen.”
De volledige tekst van art. 16 volgt hierna.
Art 16
§ 1. Wanneer de belastingplichtige een woning betrekt waarvan hij eigenaar, bezitter, erfpachter, opstalhouder of vruchtgebruiker is, wordt het kadastraal inkomen van die woning verminderd met een woningaftrek.
Voor de toepassing van dit artikel wordt onder het kadastraal inkomen van de woning verstaan, het deel dat daarvan per belastingplichtige overblijft na de toepassing van artikel 14.
§ 2. Wanneer de belastingplichtige meer dan één woning betrekt, wordt de woningaftrek toegekend voor één enkele woning naar zijn keuze.
De woningaftrek wordt eveneens toegekend wanneer de woning om beroepsredenen of redenen van sociale aard niet persoonlijk door de belastingplichtige wordt betrokken.
De woningaftrek wordt niet toegekend voor het deel van de woning dat wordt gebruikt voor het uitoefenen van de beroepswerkzaamheid van de belastingplichtige of van een van zijn gezinsleden of dat wordt betrokken door personen die geen deel uitmaken van zijn gezin.
§ 3. Wanneer gehuwde belastingplichtigen meer dan één woning betrekken, wordt de woningaftrek slechts toegekend voor de door de echtgenoten gekozen woning die zij beide betrekken. De aftrek mag eveneens worden toegekend voor een woning die de echtgenoten of één van hen om beroepsredenen of redenen van sociale aard niet persoonlijk betrekken.
§ 4. De woningaftrek bedraagt 4.081 EUR (basisbedrag 3.000 EUR).
De woningaftrek wordt verhoogd met 340 EUR (basisbedrag 250 EUR) voor iedere persoon die, overeenkomstig artikel 136 , op 1 januari van het jaar waarnaar het aanslagjaar wordt genoemd, ten laste is van de belastingplichtige. Wanneer een gemeenschappelijke aanslag wordt gevestigd en de woning eigendom is van beide echtgenoten samen, wordt die verhoging over hen verdeeld in verhouding tot hun deel in het kadastraal inkomen van de woning.
Voor de vaststelling van de verhoogde woningaftrek komt het hoogste aantal kinderen dat de belastingplichtige op 1 januari van enig vorig jaar ten laste heeft gehad in aanmerking, voor zover hij nog dezelfde woning betrekt en die berekening een hogere aftrek oplevert dan uit de toepassing van het tweede lid volgt.
§ 5. Wanneer het totale netto-inkomen van de belastingplichtige niet hoger is dan 28.630 EUR (basisbedrag 23.500 EUR) wordt de overeenkomstig § 4 bepaalde woningaftrek verhoogd met de helft van het verschil tussen het kadastraal inkomen van de woning en de woningaftrek.
Het overschrijden van de grens van 28.630 EUR (basisbedrag 23.500 EUR) mag er niet toe leiden dat de verhoging ingevolge het eerste lid wordt verminderd met meer dan de helft van het verschil tussen het totale netto-inkomen en die grens.
§ 6. Wanneer een gemeenschappelijke aanslag wordt gevestigd en de woningaftrek voor een van de echtgenoten groter is dan het deel dat hij heeft in het kadastraal inkomen van de woning, wordt het saldo aangerekend op het deel van het kadastraal inkomen van de andere echtgenoot, zonder dat dit deel mag worden overschreden.
Livios streeft steeds naar juistheid, objectiviteit en betrouwbaarheid van de informatie die het verstrekt. De redactie, noch de panelleden op wie zij beroep doet bij het beantwoorden van de vragen, kunnen aansprakelijk gesteld worden voor welk gebruik dan ook. Lees meer

Houd de hitte buiten: geniet van optimaal zomercomfort met de juiste zonwering
Hittegolven, strengere energienormen en een groeiende aandacht voor duurzaam wonen maken één ding duidelijk
Onze toolbox
Vraag vrijblijvend offertes aan! Ontvang snel max. 4 offertes van vakmannen. Bespaar tijd én geld!
AanvragenMet premies en subsidies kan je flink besparen. Kijk waar jij recht op hebt.
ZoekenMet deze praktische digitale gidsen ben je meteen geïnformeerd en heb je een handige checklist bij de hand.
Aanvragen