Vraag
De vergunning tot bestemmingswijziging dateert van 2005 en werd door de bestaande Deputatie van de Provincie na in beroep afgegeven na negatief advies van de Gemeente en afdeling Land van Animal. De loodsen liggen in landbouwgebied, dateren van de jaren 80 en grenzen aan een landelijke woonzone. Eén van de speciefieke opgelegde voorwaarden in de vergunning is dat er geen handel mag gedreven worden.
De loodsen werden in 2015 verkocht en de nieuwe eigenaar verbouwt deze grote loods nu naar 125 kleine cellen die later als self-storage zullen verhuurd worden. De omgeving, de toegangsweg en de afmetingen van het bewuste grondstuk zijn ten opzichte van het plan behorend tot de vergunning echter gewijzigd. De aan de gang zijnde werken zijn zowel financieel als structureel ingrijpend, dus in principe niet toegelaten als ze in functie om een bestemmingswijziging worden gedaan (maar de actuelewerken worden door de inspectie R.O. als louter meldingsplichtig beoordeeld).
Een uitspraak van de werken t.a.v. van de vergunning tot bestemmingswijziging van 2005 doen zij (inspectie R.O.) echter niet, dus is hun beoordeling van de werken naar mijn mening ook niet relevant met betrekking tot de oude bestemmingswijziging.
De verhuring zal een verkeersimpact hebben op de leefbaarheid van de aangrenzende landelijke woonzone aangezien een eerdere toegangsweg onlangs samen met een aangrenzende boerderij werd verkocht. De actuele en voor de verhuring enige gebruikte weg loopt via een smalle 4 meter brede niet doorlopende woonstraat met landelijk karakter.
Kan deze vergunning van 2005 opnieuw in vraag worden gesteld en kan er een een nieuw openbaar onderzoek op basis van gewijzigde (omgevings)omstandigheden opgelegd worden?
