Jo Dewez van advocatenkantoor Dehaese & Dehaese boog zich over jouw vraag.
"Volgens het KB nr. 1 betreffende de btw dient een aannemer een factuur op te stellen en aan u over te maken ten laatste de vijftiende dag van de maand volgend op de maand waarin de diensten werden geleverd. In de praktijk wordt deze regelgeving echter minder strik toegepast."
"Een aannemer dient een factuur binnen een redelijke termijn aan zijn klant over te maken. Een factuur die niet binnen een redelijke termijn verstuurd werd, moet als verdacht aanschouwd worden. Het verdachte karakter van een factuur betekent niet automatisch dat u de factuur niet moet betalen. Het verloop van tijd heeft minder invloed op het recht dat de aannemer heeft op betaling van geleverde prestaties (tenzij verjaring is ingetreden, doch de verjaringstermijn in het kader van een contract bedraagt in principe 10 jaar) maar wel op de bewijsvoering."
"Het Hof van Beroep te Gent oordeelde dat een factuur die niet binnen een redelijke termijn wordt overgemaakt, haar normale bewijskracht verliest. De factuur heeft dan nog enkel de bewijswaarde van een vermoeden. Er is evenwel een onderscheid tussen de werken uitgevoerd overeenkomstig een ondertekende offerte en de bijkomende werken die geen deel uitmaakten van een offerte of overeenkomst."
"Een ondertekende offerte voor akkoord is een rechtsgeldige overeenkomst gesloten tussen u en de aannemer. Gefactureerde en uitgevoerde werken overeenkomstig een ondertekende offerte zullen dus door u verschuldigd blijven."
"Het gedeelte van de factuur met betrekking tot voorgehouden bijkomende uitgevoerde werken, niet opgenomen in de offerte, kan u wel betwisten. Voor dit gedeelte van de factuur kan u betwisting voeren over het feit of er al dan niet werken werden uitgevoerd of er een akkoord was over de werken of dat er een akkoord over de gefactureerde prijs was..."
"Ook het Hof van Cassatie treedt dit standpunt bij. De aannemer die de uitvoering van een verbintenis vordert, moet het bestaan ervan bewijzen alsook moet de aannemer het bewijs leveren van de feiten die hij aanvoert. Het is immers aan de aannemer om aan te tonen dat hij gerechtigd is op de betaling van voorgehouden bijkomende werken. Eventuele correspondentie tussen U en de aannemer kunnen bewijsmateriaal opleveren."