Bart Stroobants van OCB formuleerde een antwoord voor jou:
"Daar het helemaal niet in te schatten is of er al dan niet (of in welke mate) er breekwerken moeten uitgevoerd worden is het helaas onmogelijk hier een prijsraming op te plakken. Hier vraag je best een installateur naar een offerte."
"Wat betreft je vragen, zet ik hier alles op een rijtje:"
1. Gevaar op directe aanraking van onder spanning staande delen
Dit verwijst waarschijnlijk naar openingen in verdeelkast,… zodanig dat delen die onder spanning staan aanraakbaar zijn.
2. Continuïteit van de beschermingsgeleider (PE) is niet gewaarborgd over de hele installatie volfens AREI art.70 06, 86.02 en 86.04
De beschermingsgeleiders (aardingen) zijn niet allemaal verbonden met elkaar. Op meerdere punten heb je dus geen “aarding” op toestellen, stopcontacten,…
3. Isolatieweerstand van de huishoudelijke installatie is lager dan wettelijk voorzien
Er zijn isolatiefouten (verliesstromen) in de bedrading. Mogelijk is de isolatie van de geleiders niet meer intact en moet deze vervangen worden.
4. Bekabeling van de voedingskabel is niet conform de wetgeving: sectie, type en/of kleur isolatie
Het begrip “voedingskabel” wordt normaal gehanteerd voor de kabel voor de kWh-teller voorzien door de distributienetbeheerder. Indien daar iets mee schort dient geïnformeerd te worden bij deze DNB. Deze zou je zelf nooit kunnen/mogen vervangen. Indien men de kabel tussen kWh-teller en zekeringskast bedoelt dan wil dit zeggen dat zoals vermeld deze niet van het juiste type, draaddikte is en de kleurencode van de aders niet conform zijn.
5. Bijkomende equipotentiale verbindingen ontbreken
Hiermee bedoelt men waarschijnlijk de “aardings”verbindingen van water, gas, CV, metalen draagstructuren, … enz. in de badkamer die ontbreken. Deze dienen uitgevoerd te zijn in geelgroene geleider met een minimum doorsnede van 4mm² (niet mechanisch beschermd) of 2,5mm² (niet mechanisch beschermd).
6. Aardingsonderbreker ontbreekt op aardgeleider
Er dient een onderbrekingsinrichting aanwezig te zijn (klem of dergelijke) die op ondubbelzinnige en makkelijke wijze de hoofdaardgeleider (de geleider die de aardingselektrode met de rest van de aardingsinstallatie verbindt) te kunnen onderbreken. Dit vooral in functie van de meting van de spreidingsweerstand van de aardelektrode).
7. Verdeelbord heeft onvoldoende beschermingsgraad tegen rechtstreekse aanraking.
Zie vraag 1