“Onder bepaalde voorwaarden kunnen de kapitaalaflossingen en aflossingen van een “hypothecaire lening” die betaald worden gedurende de periode dat de woning op fiscaal vlak kwalificeert als de “eigen” woning in het Vlaamse Gewest in aanmerking komen voor de geïntegreerde woonbonus.
Zo moet de “hypothecaire lening” een minimale looptijd hebben van minstens 10 jaar en moet het krediet gewaarborgd zijn door een hypothecaire inschrijving.
Een overbruggingskrediet is in principe een krediet dat toegekend wordt om de aankoop van een nieuwe woning te financieren en terugbetaald wordt bij de verkoop van de vorige woning. In principe heeft een overbruggingskrediet een contractuele looptijd van minder dan 10 jaar, zodat één van de basisvoorwaarden tot het bekomen van de geïntegreerde woonbonus niet voldaan is. In principe komt een overbruggingskrediet derhalve niet in aanmerking voor de geïntegreerde woonbonus.
De geïntegreerde woonbonus bestaat uit een basiskorf van 1.520 €, en een verhoging van 760 € of 840 €, alnaargelang er minder dan of minstens drie kinderen ten laste zijn op 1 januari van het jaar na aangaan van het krediet. Om van de verhoging te kunnen genieten moet de gefinancierde woning kwalificeren als de “enige” woning op 31 december van het jaar waarin het krediet aangegaan wordt.
Op de voorwaarde “enige” woning bestaan er enkele uitzonderingen, onder meer voor de in de vraag beschreven situatie.
In casu zou een in 2018 aangegane “hypothecaire lening”, gesteld dat deze aan alle voorwaarden voldoet, slechts recht kunnen geven op de verhogingen indien de huidige woning op 31 december 2018 aantoonbaar te koop staat, én uiterlijk op 31 december 2019 daadwerkelijk verkocht is.
Bemerk ook dat de nieuwe woning pas zal kwalificeren als de “eigen” woning vanaf het moment dat de vorige woning (de huidige gezinswoning) verkocht is of vanaf het moment van verhuis. In de voorafgaande periode kunnen de kapitaalaflossingen desgevallend genieten van het federale langetermijnsparen.