We legden jouw vraag voor aan advocate Astrid Clabots. “Het antwoord op jouw vraag is genuanceerd:
1. Is de muur gemeenschappelijk?
Je geeft aan dat de muur, die nu is verwijderd, gemeenschappelijk is (was). Waarop baseer je je hiervoor? Werd dit ooit in een overeenkomst vastgelegd? Baseert je je op wettelijke vermoedens? Of documenten bij de registratie? … As je inderdaad kan aantonen dat de muur gemeenschappelijk is, is het vreemd dat je buur (mede-eigenaar in dat geval) je niet voorafgaand heeft gecontacteerd in verband met het lot van deze muur.
2. Jouw vraag i.f.v. de opnieuw op te richten muur en de hoogte ervan.
Het zou best kunnen dat de hoogte van de nieuw op te richten muur, waarvan ik mij bijkomend afvraag of deze gemeenschappelijk zal zijn of niet, geënt is op stedenbouwkundige voorschriften. In deze voorschriften, die veelal ook gemeentelijk ingekleurd zijn, is inderdaad ondermeer de hoogte van dergelijke muren (afscheidingen …) aan banden gelegd.
Tip 1: Ga na welke dossierstukken je hebt over de verwijderde muur om correct te kunnen weergeven wat jouw rechten waren en zijn.
Tip 2: Ga na wat het statuut zal zijn van de nieuw op te richten muur (gaat je buur deze alleen op eigen kosten oprichten of word je er in betrokken?). Als dit werkelijk terug een gemeenschappelijke muur betreft, heb je alle recht om na te vragen waarom voor een bepaalde hoogte is geopteerd (in het bijzonder waarom de oude hoogte niet is gehandhaafd).
Ben je geen mede-eigenaar, kan je je beroepen op hinder uit nabuurschap, maar ik betwijfel of de door jou aangehaalde veiligheidsoverwegingen een voldoende argument kunnen opleveren. Zeker als je weet dat de bouwheer waarschijnlijk aan stedenbouwkundige beperkingen is overgeleverd.”