Vijf lessen in duurzaam bouwen

Bouwen of renoveren? Dat doe je maar beter duurzaam. Griet Verbeeck, professor duurzaam bouwen aan de UHasselt, legt uit hoe je eraan begint!

Griet Verbeeck is professor duurzaamheid aan de faculteit Architectuur en kunst van de UHasselt. Ze zoekt bouwkundige antwoorden op ecologische uitdagingen en legt sociale linken tussen energie- en armoedebeleid.

"Op de luchthaven van Schiphol introduceerde architect Thomas Rau licht als service. De luchthaven koopt geen lampen meer aan, maar licht."

Foto: Wikimedia Commons  

"We stoppen woningen vandaag vol technologie. Zo veel dat de architect en de aannemer er zelf niet meer aan uit kunnen, laat staan de bouwheer. Ik pleit ervoor om vooral aandacht te schenken aan de bouwschil."

Foto: Build Your Home  

"Duurzaam bouwen is niet hetzelfde als energiezuinig bouwen. “Zelfs als je bijna-energieneutraal bouwt, laat je misschien kansen liggen."

"Als je écht duurzaam wil bouwen, mag je niet verwachten dat al je investeringen even hard renderen."

Foto: STIEBEL ELTRON  

Nieuw bouwen is volgens professor Verbeeck het makkelijkst. “Je begint van scratch, zonder dat je rekening moet houden met de bestaande toestand.”

Foto: Aluthermo SA  

"Renoveer je? Durf ver genoeg gaan: isoleer dik en kies voor goede beglazing. Dat is budgettair niet altijd mogelijk, maar het voordeel van renoveren is dan ook dat je de werken kan spreiden in de tijd.”

Foto: Schüco Belgium NV  

“Als je renoveert in stappen, pas dan op voor het lock-in-effect. Vermijd dat bepaalde ingrepen latere maatregelen in de weg staan."

Foto: Viessmann Belgium bvba  

Les 1: durf experimenteren

Duurzaam bouwen is een complex begrip. Maar waar het volgens professor Verbeeck op neerkomt, is dat we de milieu-impact van de bouwsector en ons gebouwenpark drastisch moeten verlagen. “We staren ons nog te veel blind op hoe we het bestaande kunnen verbeteren. Daar is ook heel de EPB-regelgeving op gebaseerd.”

Licht als service

Toch zijn er nieuwe inzichten die dat huidige model radicaal in vraag stellen. “Ik denk aan iemand als architect Thomas Rau. Hij laat mensen anders denken over eigendom. Op de luchthaven van Schiphol introduceerde hij licht als service. De luchthaven koopt geen lampen meer aan, maar licht. De armaturen blijven eigendom van de fabrikant, Philips in dit geval, die ook instaat voor het hergebruik achteraf. Zo ontstaan totaal andere drijfveren: het doel is niet meer zo veel mogelijk verkopen, maar een degelijke dienstverlening handhaven.”

Circulaire economie

De visie van Rau gaat uit van een beperkte hoeveelheid grondstoffen. “De vraag is hoe we die beter kunnen gebruiken”, zegt Verbeeck. “Dat is ook waar heel de circulaire economie om draait (het idee dat we eindige grondstofvoorraden niet uitputten en we reststoffen opnieuw gebruiken, red.). We denken te weinig na over wat er in de toekomst met onze gebouwen en woningen gebeurt.”

Verbeeck wil de bestaande bouwtraditie niet zomaar aan de kant schuiven. “Maar het is wel belangrijk dat we experimenteren en anders kijken naar duurzaam bouwen.”

Les 2: hou het eenvoudig

Professor Verbeeck is voorstander van lowtech. “Dat geef ik mijn studenten ook mee: hoe minder technologie, hoe beter. We stoppen woningen vandaag vol technologie. Zo veel dat de architect en de aannemer er zelf niet meer aan uit kunnen, laat staan de bouwheer. Ik pleit ervoor om vooral aandacht te schenken aan de bouwschil. Die gaat veel langer mee dan de technieken.”

Energiezuinig in drie stappen

De bekende ‘trias energetica’ vormt daarbij de beste leidraad, volgens Verbeeck. Dat gaat zo:

  1. Beperk de energievraag van je woning.
  2. Maak maximaal gebruik van duurzame bronnen, zoals zonne-energie.
  3. Heb je toch nog fossiele brandstoffen nodig, gebruik die dan zo efficiënt mogelijk.

Verbeeck: “Die eerste stap is cruciaal. Woningen moeten ook zonder verwarming of koeling comfortabel zijn. Zodat je ze alleen op koude dagen moet bijverwarmen. Dat kan met passieve maatregelen, zoals een compact ontwerp, een doordachte oriëntatie, goede isolatie en zonwering. Dan heb je sowieso minder nood aan technologie.”

“In de toekomst valt hopelijk de derde stap weg en kunnen we ons volledige verbruik met hernieuwbare energie dekken. Maar dat kan alleen als we energie-efficiënt blijven bouwen.”

Les 3: het E-peil zegt niet alles

Duurzaam bouwen is niet hetzelfde als energiezuinig bouwen. “Zelfs als je bijna-energieneutraal bouwt, laat je misschien kansen liggen. De EPB-regelgeving houdt geen rekening met andere duurzaamheidscriteria, zoals materiaal- en watergebruik. OVAM, de Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij, werkt aan een beoordelingstool om de milieu-impact van materialen in rekening te brengen. In Nederland is zo’n milieu-impactberekening al verplicht, zonder dat er wettelijke eisen aan gekoppeld zijn. Maar zo besteden ontwerpers automatisch meer aandacht aan het bredere plaatje.”

Beperkte grondstoffen

Volgens professor Verbeeck verschuift ook bij ons de focus naar het materiaalgebruik. “Als we energie-efficiënt bouwen en hernieuwbare bronnen gebruiken, is energie niet langer de grootste uitdaging. Maar wel de materialen, want grondstoffen zijn niet onuitputbaar.”

Out of the box

Toch scherpt de Vlaamse overheid de EPB-regelgeving de komende jaren verder aan. “Ik heb het gevoel dat vernieuwende oplossingen het daardoor moeilijker hebben. Neem een bedrijf als Issol, dat in de gevel geïntegreerde zonnecellen ontwikkelt. Hun producten tellen niet mee in de EPB-berekening omdat ze niet voldoen aan de eisen qua helling en oriëntatie. Dat is spijtig, want nu brengen gevels helemaal niks op. De overheid zou meer ruimte moeten laten voor bedrijven die out of the box denken.”

Les 4: kijk niet alleen naar de terugverdientijd

“Ik heb er moeite mee om alles te bekijken in functie van de terugverdientijd”, zegt professor Verbeeck. “In het verleden hebben we dat te veel gedaan. Als je écht duurzaam wil bouwen, mag je niet verwachten dat al je investeringen even hard renderen. Maar energiebesparende maatregelen leveren sowieso een serieuze daling op van je energiefactuur. Terwijl het gros van je gezinsuitgaven, zoals je auto, financieel helemaal niks opbrengt.”

Psychologisch plezier

“Ik word blij als ik windmolens zie draaien naast de autosnelweg. Of als de regen onze watertank opnieuw vult. Of als de zon hard schijnt in de zomer, zodat ons hele gezin kan douchen op zonne-energie. Daaraan beleef ik een psychologisch plezier.”

Enorm comfort

“Ik weet dat de meeste bouwers een beperkt budget hebben waarmee ze zo veel mogelijk willen doen. Maar er zijn ook mensen die de middelen hebben om een stuk verder te gaan. Ik heb zelf een honderd jaar oude woning zeer energiezuinig gerenoveerd. Dat levert ons gezin een enorm comfort op. Maar als je het zuiver financieel bekijkt, ga je waarschijnlijk niet ver genoeg.”

Les 5: Vermijd het lock-in-effect

Nieuw bouwen is volgens professor Verbeeck het makkelijkst. “Je begint van scratch, zonder dat je rekening moet houden met de bestaande toestand.” De grootste uitdaging zit niettemin bij de vele renovaties. “Juist omdat ons bestaande woningpark zo inefficiënt is.”

Daarom heeft de professor drie tips voor wie renoveert. Ten eerste: “Vraag je af of renoveren wel zin heeft. Sommige woningen zijn er zo slecht aan toe dat je ze beter sloopt en opnieuw bouwt.”

Gefaseerd renoveren

Tweede tip: “Denk niet te snel dat je goed bezig bent. Als ik spreek met mensen die pas gerenoveerd hebben, ben ik dikwijls teleurgesteld. Durf ver genoeg gaan: isoleer dik en kies voor goede beglazing. Dat is budgettair niet altijd mogelijk, maar het voordeel van renoveren is dan ook dat je de werken kan spreiden in de tijd.”

Duidelijk renovatieplan

En zo komen we bij een derde cruciale tip: “Als je renoveert in stappen, pas dan op voor het lock-in-effect. Vermijd dat bepaalde ingrepen latere maatregelen in de weg staan. Stel van bij het begin een duidelijk renovatieplan op. Betrek dus op tijd een architect bij je project.”

De jongere generatie architecten staat daar zeker voor open, weet professor Verbeeck. “Onze studenten weten goed dat renovaties hun kernactiviteit zullen uitmaken.”

Vier concrete tips voor (ver)bouwers

Wil jij duurzaam bouwen of renoveren? Professor Griet Verbeeck geeft vier praktische tips.

  1. Locatie: denk goed na over de plaats waar je bouwt of gaat wonen. Heb je overal de auto voor nodig? Of kan je ook de fiets nemen of het openbaar vervoer?
  2. Energie: bouw voor de toekomst. Een derde van de nieuwe woningen voldoet al aan de BEN-norm. Het is positief dat mensen al een stap verder gaan dan wat de wetgeving oplegt. Maar zelfs BEN is geen eindpunt.
  3. Materiaalgebruik: kan je materialen gebruiken met een minder hoge milieu-impact? Dat vergemakkelijkt later de afbraak en laat toe om materialen te recupereren.
  4. Watergebruik: voorzie in voldoende grote opslagtanks voor het hergebruik van regenwater.

Danneels

Danneels
  • Nieuwbouw
  • Rustiek/Klassiek
  • Traditioneel
Bekijk woning

Ecohuis

Ecohuis
  • Nieuwbouw
  • Modern/Hedendaags
  • Houtskeletbouw
Bekijk woning

Producten

Factoren die uw E-peil beïnvloeden

Ecohuis

Factoren die uw E-peil beïnvloeden

Breng een bezoek aan Kamp C met je school - verrassend boeiend !

Kamp C

Breng een bezoek aan Kamp C met je school - verrassend boeiend !

Zonnekaart - is uw woning geschikt voor zonnepanelen?

Vlaams Energieagentschap (VEA)

Zonnekaart - is uw woning geschikt voor zonnepanelen?

Houtskeletbouw

Arkana

Houtskeletbouw

Flexotank: meer dan een regenwaterput ...

O beton

Flexotank: meer dan een regenwaterput ...