Sinds de officiële toelating op 17 april 2025 is de Belgische markt voor plug‑in thuisbatterijen en zonnepanelen in een stroomversnelling geraakt. Uit cijfers van Pluginfo blijkt dat er na één jaar ruim 8.000 toestellen officieel zijn aangemeld. Maar dat is waarschijnlijk slechts het topje van de ijsberg. Dirk van Evercooren van Pluginfo werpt een blik op de cijfers en de kansen voor wie tot nu toe uit de boot viel.
Meer plug‑in thuisbatterijen en zonnepanelen dan geregistreerd
Hoewel er 8.000 plug‑in thuisbatterijen en zonnepanelen geregistreerd zijn, schat Pluginfo dat het in werkelijkheid tussen de 40.000 en 160.000 toestellen gaat. “Die enorme kloof is niet verwonderlijk”, legt Dirk van Evercooren van Pluginfo, het Belgisch informatieplatform gewijd aan plug & play, uit. “In buurlanden waar al langer plug‑in toestellen op de markt zijn, heb je vergelijkbare situaties. In Duitsland bijvoorbeeld zijn er 435.000 registraties, maar het aantal geschatte gebruikers ligt eerder rond een paar miljoen."
Vrees voor nieuwe heffingen is er
Een grote grijze zone is dus niet abnormaal. Maar waarom is de kloof tussen het aantal aangemelde toestellen en het toestellen dat in woningen staat zo groot? “De regels over het aanmelden zijn niet helder”, stelt van Evercooren. “Heb je een digitale meter en is het vermogen van je plug‑in thuisbatterij kleiner dan 800 W, dan is een melding niet verplicht. Heb je in de plaats daarvan een analoge meter, dan is het wel verplicht. Het zou beter zijn als er één eenduidige procedure kwam: alles aanmelden, want dat creëert overzicht en veiligheid.”
Daarnaast vrezen veel huishoudens dat de aanmelding vroeg of laat zal leiden tot een nieuwe heffing of aangepaste tarieven. “Die terughoudendheid houdt de registratie tegen. Maar er is ook onwetendheid, omdat mensen simpelweg niet weten wanneer het moet.”
Waarom moet een plug-in toestel geregistreerd worden?
De registratie is niet noodzakelijk om het net stabiel te houden, maar wel voor de veiligheid. “De overgrote meerderheid van de stroom uit stekkerpanelen wordt direct verbruikt. De injectie is marginaal vergeleken met batterijparken of laadpleinen. Maar een netbeheerder moet bij onderhoud of een panne wel kunnen vertrouwen op een stroomloos net. Als men denkt dat een circuit spanningsloos is, maar er vindt verborgen injectie plaats via stekkertoestellen, dan ontstaan er levensgevaarlijke situaties.”
Vlaanderen kiest de batterij, Wallonië het zonnepaneel
De situatie is alleszins verschillend tussen de regio’s. Dat heeft alles te maken met het beleid rond de terugdraaiende teller. “In Vlaanderen domineren de plug‑in thuisbatterijen met 6.200 aanmeldingen. Veel Vlamingen hebben al vaste zonnepanelen op het dak en zoeken, door het wegvallen van de terugdraaiende teller, naar manieren om hun zelfverbruik te verhogen. Een stekkerbatterij is dan een goedkoper en laagdrempelig alternatief voor een gewone thuisbatterij.”
In Wallonië ligt de focus voorlopig nog op plug‑in zonnepanelen “Daar tellen we minder vaste PV-installaties en blijft de terugdraaiende teller voor bepaalde huishoudens nog tot 2030 bestaan. De noodzaak voor een batterij is daar voorlopig minder hoog. Pas rond 2028-2030 verwachten we daar een vergelijkbare piek in de batterijmarkt.”
"Het grootste groeipotentieel ligt bij de appartementbewoners en huurders. Met plug‑in zonnepanelen kunnen zij tot 180 euro per jaar besparen”, weet Van Evercooren
Plug-in kansen voor huurders en appartementbewoners
De prijs en compactheid maakt plug-in toestellen vooral voor huurders, appartementsbewoners en gezinnen met een klein budget interessant. Zijn dit ook de daadwerkelijke kopers of is het toch eerder een gadget voor de huiseigenaar die zijn elektrische installatie snel wil uitbreiden? “Mijn impressie is dat de meeste stekkertoestellen momenteel nog bij huiseigenaren terechtkomen die goedkoop hun zelfverbruik willen verhogen. Het grootste groeipotentieel ligt bij de appartementbewoners en huurders. Voor hen bieden stekkerpanelen op het balkon een kans om tot 180 euro per jaar op de energiefactuur te besparen.”
Lelijk en onveilig?
Toch breken plug & play zonnepanelen daar niet door. “Syndici en VME’s vrezen voor ‘visuele verrommeling’ aan de balkons of twijfelen aan de veiligheid”, weet Van Evercooren. “Ook lokale besturen en sociale huisvestingsmaatschappijen zijn nog te terughoudend. De oplossing ligt in een collectieve benadering waarbij iedereen in een gebouw dezelfde panelen op dezelfde manier laat installeren. Als we deze investeringen bovendien kunnen prefinancieren, creëren we een enorme sociale impact.”
Hoeveel kosten plug-in batterijen en zonnepanelen in 2026?
- Prijs plug-in zonnepanelen: twee panelen (800 watt) kosten ongeveer 600 euro. Bij een goede oriëntatie is een terugverdientijd van 4 jaar (of zelfs minder) zeer realistisch.
- Prijs plug-in batterijen: de sweet spot voor een gemiddeld gezin (met 4 à 5 kWp zonnepanelen op het dak) is een batterij van 5 kWh. Deze kosten ongeveer 1.500 tot 1.700 euro. Dat maakt een terugverdientijd van 6 jaar (of zelfs minder) haalbaar. Een grotere batterij rendeert vaak niet omdat deze in de winter niet vol raakt.
Kooptip: Let op bij webshops. Soms betaal je via een buitenlandse site geen wettelijke BEBAT-bijdrage (recyclagebijdrage). Controleer dit goed, ook op .be-sites. Check ook altijd of het toestel op de Synergrid-lijst staat.

Geef je kasten snel een upgrade: kapstokken in een kleur zorgen voor speels accent
Bij het inrichten van een woning gaat veel aandacht naar grote elementen zoals vloeren, muren en kasten.








