Als één erfgenaam niet tekent kan de notaris proberen te bemiddelen, maar uiteindelijk moet bij een minnelijke verdeling iedereen tekenen, legt notaris Dirk Michiels uit. Er kunnen diverse redenen zijn waarom iemand niet wil tekenen: afrekeningen uit het verleden (al dan niet geldelijk), overschrijding van het beschikbaar deel (schenkingen / testamenten), foutieve berekeningen, 'verdwenen' effecten, ...
Anderzijds zegt artikel 815 van het Burgerlijk Wetboek dat niemand kan gedwongen worden om in onverdeeldheid te blijven.
Als één der erfgenamen zich dus blijft verzetten tegen een minnelijke verdeling kunnen de andere erfgenamen hem dagvaarden voor de rechtbank van eerste aanleg om uit onverdeeldheid te treden. De rechtbank zal dan een notaris gelasten met de gerechtelijke vereffeningverdeling.
Die notaris moet een staat van vereffening opmaken (hij moet, na alle partijen te hebben gehoord, op papier zetten hoe volgens hem/haar de verdeling zou moeten gebeuren). Als die staat wordt goedgekeurd kan de verdeling plaatsvinden, zoniet stuurt de notaris het dossier met zijn advies naar de rechtbank die dan finaal beslist. Tegen dit vonnis kan uiteraard nog hoger beroep worden aangetekend.
Een procedure van gerechtelijke vereffeningverdeling kan zeer lang aanslepen (gaande van enkele maanden tot vele jaren). Het is van belang te proberen alsnog tot een minnelijke regeling te komen.
U zou aan de notaris kunnen vragen de erfgenaam die niet wil tekenen te ondervragen over de redenen, dan wel alle erfgenamen samen te roepen om te zien of een minnelijke regeling toch niet mogelijk is. Maar als die ene erfgenaam daar natuurlijk ook niet wil aan meewerken zullen de anderen wel verplicht zijn om naar de rechtbank de stappen.