Een regularisatievergunning moet zeker aangevraagd voor de regularisatie van reeds uitgevoerde onvergunde werken. Hierdoor vermijd je dat het bouwmisdrijf verdere gevolgen krijgt (vordering parket – herstelvordering, boetes, …).
De regularisatievergunning moet gebaseerd worden op een bouwplan. Een regularisatievergunning staat immers gelijk aan een gewone vergunning. Werken van inwendige schikking mogen gerust gebeuren. Er is geen vergunning nodig voor de inrichtingswerkzaamheden binnen een gebouw of de werkzaamheden voor de geschiktmaking van lokalen. Door de werken mag het gebruik van het gebouw niet veranderen. Het aantal woongelegenheden mag evenwel niet wijzigen. Ook mogen de werken geen constructieproblemen met zich meebrengen. Dit betekent bijvoorbeeld dat men zonder vergunning geen openingen mag maken in dragende muren. Wel mag men bijvoorbeeld wanden bijplaatsen in gipskartonplaten, wanden afwerken met binnenisolatie en planchetten, de vloerbedekking wijzigen, een badkamer (her)inrichten, enz...
De duur van de regularisatievergunning is hetzelfde als van een gewone vergunning. Indien de gemeente waar je een huis wil kopen ontvoogd is, zou het vrij snel moeten kunnen. Het is belangrijk dat je niets wijzigt aan de opgebouwde werken door de verkoper, want anders ga je zelf verantwoordelijk kunnen geacht worden voor het bouwmisdrijf. Wacht dus de regularisatie af.
Je voorziet best dat in de verkoopakte een clausule wordt opgenomen dat de verkoper instaat voor de schade, wanneer alles wat wederrechtelijk gebouwd werd moet afgebroken worden. Om te vermijden dat je een slechte koop doet, laat je je best goed inlichten door de stedenbouwkundige ambtenaar van de gemeente over wat er wel en wat niet zal mogen gebouwd worden. Aarzel niet om een eigen notaris te nemen. Dit kost niets meer (ereloon notaris verkoper en notaris koper worden gedeeld) en je kan zeer goed met hem voorafgaandelijk een afspraak maken, om goede afspraken te vertalen in de koopovereenkomst.