De vragenrubriek van Livios biedt eerstelijnsinfo. We hebben er dan ook geen zicht op of de vorige vraagsteller verdere actie heeft ondernomen tegen de geluidshinder. Om de geluidshinder aan te vechten, verwijst advocatenkantoor Dehaese & Dehaese bvba naar de volgende elementen:
1. “Vooreerst is er het Koninklijk Besluit van 24 februari 1977 houdende vaststelling van geluidsnormen voor muziek in openbare en private instellingen. Artikel 3 van dit KB bepaalt de decibelgrenzen die onder andere bij de verspreiding van muziek in private inrichtingen, waaronder dus ook woningen en hun aanhorigheden en tuinen, moeten in acht worden genomen:
“De openbare en private inrichtingen waar muziek geproduceerd wordt, moeten zo ingericht zijn dat het geluidsniveau gemeten in de buurt:
1° niet hoger is dan 5 dB(A) boven het achtergrondsgeluidsniveau, indien dit lager is dan 30 dB(A);
2° niet hoger is dan 35 dB (A) indien het achtergrondsgeluidsniveau ligt tussen 30 en 35 dB(A);
3° niet hoger is dan het achtergrondsgeluidsniveau indien dit hoger is dan 35 dB (A).
Dit geluidsniveau wordt gemeten in het lokaal of gebouw, met gesloten deuren en vensters. De mikrofoon wordt geplaatst op minstens 1 m afstand van de muren en op een hoogte van 1,20 m boven de vloer.”
Aangezien je echter zelf in de vraag aangeeft dat een dergelijke warmtepomp een relatief laag gehalte aan decibels produceert, zullen de geluidsnormen uit dit KB wellicht niet overschreden worden, zodat er geen sprake zal zijn van een foutieve handeling door de buren.
In tweede instantie kan er sprake zijn van burenhinder. Zo is de eigenaar van een onroerend goed die, zelfs zonder een foutieve handeling te stellen, bovenmatige hinder oplegt aan een buur, een passende compensatie verschuldigd waardoor het verbroken evenwicht tussen de rechten van de naburige eigenaars hersteld wordt. Je zal in dat geval moeten aantonen dat er sprake is van een bovenmatig karakter van de hinder. Of dit voor een bepaalde genotstoornis inderdaad het geval is, is een loutere feitenkwestie die soeverein door de rechtbank beoordeeld wordt.
In die concrete beoordeling zullen een aantal factoren meespelen zoals: het tijdstip, de plaats van de hinder, de duur en intensiteit ervan, de technologische vooruitgang, enz. Om een juist beeld te krijgen van al deze factoren en feitelijke gegevens kan de rechtbank als onderzoeksmaatregel een deskundige aanstellen die ter plaatse de situatie zal vaststellen en onderzoeken. Zo zal moeten worden nagegaan of de hinder permanent is, welke decibels er geproduceerd worden, welke de intensiteit ervan is, of de hinder ook ’s nachts wordt veroorzaakt, enz.
Indien een abnormale hinder wordt aangetoond, zijn de buren een billijke en passende compensatie verschuldigd. Deze billijke en passende compensatie bestaat uit een geldelijke vergoeding die betrekking heeft op de reeds opgelopen schade, maar kan eveneens betrekking hebben op toekomstige schade, indien de bovenmatige hinder voortduurt. Een volledig verbod op het gebruik van de warmtepomp door de buren, lijkt evenwel moeilijk te kunnen worden bekomen. De rechtbank zal veeleerder zoeken naar een nieuw evenwicht tussen de buren, waarbij de nabuurlasten tot een aanvaardbaar niveau gereduceerd worden.
In derde instantie is er lokale wetgeving. Blijkbaar bepaalt artikel 204 van het Uniform Gemeentelijk Politiereglement van de Politiezone Hekla van de gemeente Hove van 16 maart 2007 dat op straffe van een gemeentelijke administratieve boete van maximaal € 250,00 op bepaalde tijdstippen geen geluidshinder mag worden veroorzaakt:
“Het gebruik van werktuigen en machines voor huishoudelijk gebruik die met een motor worden aangedreven en waarvan het geluid hinderend kan zijn voor de omwonenden, zoals gras- en zaagmachines en dergelijke, is verboden tussen 21 en 7 uur en op zon- en wettelijke feestdagen. De burgemeester kan het gebruik van machines en werktuigen aan bijkomende beperkingen onderwerpen of afwijkingen toestaan.”
Ook hier zal u dus de abnormale hinderlijkheid van het geluid van de warmtepomp moeten kunnen aantonen om de buur te laten verbieden dat de warmtepomp werkzaam is tussen 21 uur en 7 uur en op zon -en feestdagen.”